Omarm beperkingen

Fotografie is een creatieve bezigheid, maar hoe zorg je er nu voor dat die creativiteit gaat vloeien? Sommigen zullen beweren dat je alles open moet laten, meer out-of-the-box denken en daar is zeker wel wat voor te zeggen. Zelf vind ik het het best werken als je jezelf beperkingen opleg. Stel duidelijke kaders waarbinnen jouw foto’s moeten passen. Of dit nu over een onderwerp, compositie of uitwerking van het uiteindelijke beeld gaat, een beperking dwingt je creatief om te springen binnen de geschepte kaders.

Ik sjouwde me een breuk aan al die apparatuur

Ik weet nog dat ik toen ik begon met wat serieuzer te fotograferen op pad ging met een hele rugzak vol lenzen en allerlei hulpmiddelen. Ook in een stad sjouwde ik me een breuk. Tegenwoordig ligt mijn goede camera stof te happen in de kast en schiet ik enkel met een compacte camera met vast brandpunt. Als we het dan hebben over beperkingen. Maar juist die beperkingen hebben ervoor gezorgd dat ik veel gerichter ben gaan fotograferen en nadenk over wat ik wel kan én wil schieten. Fraaie onderwerpen die buiten het bereik van mijn 28mm liggen laat ik gewoon gaan. En daar heb ik dan ook vrede mee.

Kun je de foto ook maken zonder camera?

Beperkingen kun je jezelf op allerlei manieren opleggen. Eind vorige maand hadden we bij een Masterclass Storytelling ook de discussie over beperkingen. Iedereen was het eens met de stelling dat beperkingen de creativiteit enorm stimuleren. Een deelnemer kreeg zelfs door de mentor de ultieme beperking voorgelegd: “Kun je die foto ook maken zonder camera”.

Dat was natuurlijk bedoeld om te kijken of je het beeld ook op een technisch andere wijze kunt maken, maar bij mij maakte dit wel heel wat los. In eerste instantie was mijn reactie dat je het beeld dan wel in je hoofd kan maken, maar dat niemand anders het dan kan zien. Dat klopt natuurlijk, maar direct daarna realiseerde ik me dat je hierdoor kunt visualiseren wat je als idee in je hoofd hebt. Niet door je idee uit te tekenen of op te schrijven, maar jezelf voor te stellen hoe dat tafereel voor je eruit zou zien als je het op de foto zet.

Wat een leuke oefening is dat. Daar ga ik me de komende tijd eens op focussen.


Foto: Markus Spiske via Unsplash

2 Comments

  1. In de beperking…

    Je artikel gaat in de kern natuurlijk niet echt over apparatuur Marcel, maar heeft er toch mee te maken. Bakbeesten van spiegelreflexcamera’s met objectieven van een kilo per stuk zijn uit de mode. Gelukkig. Een minimalistische uitrusting van een camera, accu en 24 + 50 mm (omgerekend naar kleinbeeld) weegt tegenwoordig 700 gram. Who needs vijf objectieven?

    Vraag 1 is een gewetensvraag: blijft jouw grote camera ook bij vakanties, bondswedstrijden of andere kansrijke fotogelegenheden lekker in de tas? Zo ja: kun je dus zonder? En is de consequentie dan niet dat hij definitief weg kan? Ik vraag dat niet om je te plagen of uit te dagen maar om verder te filosoferen over de consequentie van je ervaringen.
    Vraag 2, die op vergelijkbaar vlak ligt: hoe kijk je aan tegen smartphone-fotografie? Ik heb de indruk dat in kringen van hobbyfotografen enigszins laatdunkend tegen het fotograferen met de smartphone wordt aangekeken, als niet serieuze tak van fotografie. Net zoals tot diep in het digitale tijdperk ‘spiegelreflexkwaliteit’ een niet bestaande, maar desondanks gekoesterde norm was. Ik beken dat ik pas kort geleden, met het toenemen van de kwaliteit en de mogelijkheden meer ben gaan zien in het werken met de gsm. Ook budget-smartphones kennen raw en groothoek. Je hebt dat ding altijd bij je en je kunt je beelden op de smartphone bewerken. Niet met de uiterste topkwaliteit die een haarscherpe foto van een vierkante meter mogelijk maakt – maar is ook dat niet een overleefde, door de industrie opgedrongen norm?
    250 gram! 250 euro! en je bent fotograaf!
    groet,
    Kees

    1. Hej Kees,

      Dank voor je reactie. Om op jouw eerste vraag te reageren, dat stof blaas ik zodra het nodig is wel weer van de camera af. Die gaat zeker niet weg. De mogelijkheden die die camera én de lenzen geven zal ik echt wel weer nodig hebben. Maar het is niet nodig om deze ‘echte camera’ (bewust tussen aanhalingstekens om niet een andere discussie op te starten) te pakken zodra je voor een bondsfotowedstrijd of welke andere wedstrijd ook aan het werk bent. De serie van Victor waarmee ik kandidaat BMK werd bevat ook beelden van mijn Ricoh GRII en ik weet dat er ook wel eens series geschoten met mobiele telefoons gewonnen hebben. Ik zal dan ook de laatste zijn die vind dat je met je smartphone niet kan fotograferen. Sterker nog, ik heb in het verleden ook meerdere projecten met mijn mobiel gedaan. Ook hier weer de beperking die je creatief maakt, en daarbij het gemak van direct kunnen bewerken en delen. Dat laatste kan overigens ook met steeds meer camera’s, via Wifi RAW-beelden naar je smarrtphone zenden en bewerken.

      Zo zie je dat ze beiden gebruik maken van de sterke punten van de ander en daarmee steeds meer naar elkaar toe groeien. Fotograferen wordt daarmee steeds meer een spel van het oog.

      Marcel

Geef een antwoord